“Ik laat je niet vallen”

Maatschappelijk werker Lidia komt in een noodsituatie

 

‘Ook mislukt.’ Hij kijkt naar een plek achter me. ‘Hoe bedoel je dat? Ook mislukt? Dat je naar huis ging omdat je het benauwd kreeg in de rij bij de supermarkt is echt niet vreemd als je je zo voelt als nu, Sandro.’

Hij haalt zijn schouders op, zijn krullen hangen voor zijn ogen. ‘Ik voel me mislukt.’ Ik ben even stil. We praten al een paar dagen intensief met elkaar. En ik maak me zorgen. Het lijkt er niet op dat het beter met hem gaat.

 

‘Ik ben even op mijn slaapkamer.’ Hij staat zo onverhoeds op dat de stoel op de grond valt. Ik zie dat hij trilt. ‘Sandro, ik heb liever dat je even bij me blijft.’ Hij luistert niet. Loopt rondjes door de flat. Van de slaapkamer naar de keuken. Van de gang naar de woonkamer. Steeds sneller loopt hij. Zijn handen door zijn haren. Hij mompelt, tranen druppen langs zijn kaaklijn. ‘Ik ben zo moe’, versta ik. ‘Zo moe. Iedereen is moe…’

 

Ineens trekt hij de balkondeur open

 

Hij begint aan zijn haren te trekken, in zijn bovenarmen te knijpen. Ik loop naar hem toe om hem te kalmeren, maar ineens trekt hij de balkondeur open. Voor ik het weet hangt hij met een been over de leuning. Hij krijst als een gewond dier. ‘Rot op Lidia! Ik stop ermee. Dan heeft niemand nog last van me.’

 

In een reflex heb ik mijn armen om hem heen. Net op tijd. Zijn tengere lijf hangt letterlijk aan mijn hals en armen. Net twintig is hij en hij woont al sinds zijn zestiende alleen. Zijn verleden heeft ineens alle regie in handen en speelt met zijn leven. ‘Sandro, hou me vast. Ik hou jou vast.’ Ik praat streng.

 

Ik span alle spieren in mijn lijf extra aan

 

Zeven hoog zijn we. Als ik hem loslaat, overleeft hij de val nooit. De noodknop zit aan mijn riem. Sinds kort zijn we het voor onze veiligheid verplicht dit mobiele alarmsysteem bij ons te dragen. Omdat ik heb geregistreerd bij welke cliënt ik op huisbezoek ben, volstaat een simpele druk op de knop om Sandro te redden. Het moet lukken om heel even een hand vrij te maken…

 

Ik span alle spieren in m’n lichaam extra aan. Mijn rechterarm gaat naar m’n middel, ik voel de knop en druk ‘m krachtig in. Gelukt. De centralist van de alarmcentrale kan nu meeluisteren. ‘Sandro. Ik hou je vast tot er hulp is. Ik heb mijn armen om je heen. Ik laat je niet vallen.’ Sandro is als een lappenpop in mijn armen en huilt voortdurend. Samen wachten we op de hulpdiensten die al heel snel voorrijden. Pas als ik de deur hoor openbreken, tril ik over heel mijn lijf. We zijn gered.

 

Lidia is 31 en als maatschappelijk werker aangesloten bij het sociaal wijkteam. Doordat de centralist na het indrukken van de noodknop van Secure2Go direct de hulpdiensten naar de goede locatie kon sturen, is het leven van Sandro gered. Op dit moment krijgt de jongen de juiste hulp. Op verzoek van de geïnterviewde zijn alle namen gefingeerd.