RI&E, de Risico-Inventarisatie en Evaluatie

Wat staat er in de RI&E over agressie ?

Met de risico-inventarisatie en evaluatie, kortweg RIE, brengt een organisatie in kaart welke risico’s medewerkers en bezoekers lopen, welke maatregelen er genomen zijn om deze risico’s zo veel mogelijk te beperken en welke maatregelen er aanvullend nog nodig zijn. Het maken en bijhouden van een RIE is voor vrijwel iedere organisatie met medewerkers verplicht. Dit is geregeld in de Arbowet.

Wat is psychosociale arbeidsbelasting?

Onderdeel van de RIE is een blik op de psychosociale arbeidsbelasting van de medewerkers. Daarbij wordt onder andere gekeken naar zaken als werkdruk en stress, maar ook naar de risico’s op interne en externe agressie.

De praktijk wijst uit dat agressie van grote invloed is op het werkplezier en het welbevinden van medewerkers. Langdurig blootgesteld worden aan agressie, of chronische angst daarvoor geven stressklachten, met alle mogelijke gevolgen van dien.

Wat is interne agressie?

Onder interne agressie valt de verbale en fysieke agressie tussen medewerkers onderling. Dit moet overal en altijd hoog op de agenda staan omdat dit direct invloed heeft op de werknemerstevredenheid. Bovendien valt onder interne agressie ook ‘pestgedrag’ en dat wil je natuurlijk te allen tijde voorkomen op de werkvloer. In veel gevallen val (seksuele)intimidatie en andere vormen van grensoverschrijdend gedrag tussen collega’s en/of leidinggevenden ook onder interne agressie.

Wat is externe agressie?

Externe agressie betekent verbale en fysieke agressie door klanten, bewoners, patiënten, ouders, cliënten, deelnemers, reizigers, publiek en noem maar op. Dit is een thema van alle tijden, maar pas de laatste jaren krijgt de bestrijding hiervan binnen een meerderheid van de organisaties topprioriteit. Onder de noemer agressie vallen verbale agressie, fysieke agressie, (seksuele) intimidatie, belaging pesten en bedreiging.

Wat moet je in kaart brengen en oplossen?

De RI&E maakt inzichtelijk welke maatregelen er genomen kunnen worden. Grofweg is dat in drie fasen onder te verdelen.

  • Preventie, beleid en maatregelen
  • Repressie
  • Nazorg en opvolging

Preventie, beleid en maatregelen

Onder preventie en beleid wordt bijvoorbeeld verstaan, het aanwijzen van een preventiemedewerker (agressiecoördinator), het opstellen van een helder agressieprotocol en huisregels en het bekendmaken daarvan. Maar ook het verzorgen van een goede training voor de medewerkers en het nemen van de juiste technische en bouwkundige maatregelen.

Een balie kan verhoogd worden en een spreekkamer kan zo worden ingericht dat de bezoeker niet tussen de professional en de vluchtroute in kan staan. Losse voorwerpen op bureaus kunnen worden vastgezet en er kan een goed werkend alarmeringssysteem worden aangebracht waarmee in geval van nood collega’s, de beveiliging of de politie gewaarschuwd kan worden.

Ook moet er een interventieplan klaarliggen voor het geval het misgaat. Iedereen moet dat goed weten wat er van hem of haar wordt verwacht. Ook dit kan getraind worden.

Repressieve aandachtspunten bij agressie.

Repressie is het bedwingen van acuut gevaar. Eigenlijk zijn dit korte handelingen die met goed beleid en de juiste maatregelen ongetraind en voorbereid zijn voor het geval de situatie escaleert.

  • Grenzen aangeven
  • Alarmeren
  • Jezelf in veiligheid brengen
  • Zorgen voor de veiligheid van andere aanwezigen
  • De pleger aan laten houden of verwijderen

Nazorg bieden en opvolging geven bij agressie

Direct daarna komt nazorg en opvolging aan de orde. De processen daarvoor heb je vooraf opgesteld, maar de uitvoering moet zo snel als mogelijk na een incident worden opgestart. Nazorg voor de betrokken medewerker(s) en ooggetuigen en opvolging naar de dader. Ook kan een werkgever namens de werknemer aangifte doen bij de politie en een schadevergoeding eisen. Het is sowieso belangrijk om een incident te registreren. Hierdoor is het op lange termijn inzichtelijk hoe vaak agressie voorkomt binnen de organisatie maar kan ook gezien worden of maatregelen werken en kunnen bepaalde trends  gesignaleerd worden.

De RI&E houdt niet op bij de uitgang van het pand.

Vaak wordt bij het behandelen van de RIE vooral gekeken naar de situatie binnen de muren van de organisatie. Vergeet echter niet dat bij veel organisaties de medewerkers ook op pad gaan. Buiten de deur kunnen ze ook geconfronteerd worden met ongewenst gedrag of agressie. Dan staat een medewerkers er vaak alleen voor. Met een mobiele alarmknop kun je er voor zorgen dat ze altijd en overal snel hulp kunnen inroepen en er dus nooit helemaal alleen voor staan tijdens een risicovol moment.

Als bovenstaande allemaal is uitgewerkt en geborgd binnen de organisatie kun je in de risico-inventarisatie en evaluatie en vinkje zetten achter het kopje ‘externe agressie’. Veel succes.

Vraag informatie aan:

Wil je meer informatie? Of wil je een vrijblijvende afspraak maken met onze adviseurs? Vul het formulier in en je ontvangt z.s.m. een reactie van ons.
Vorige Alarmeren met een app of met een noodknop?
Volgende Wat is agressiebeleid?
Inhoudsopgave